Alternative text missing

Carpaal- tunnelsyndroom

Wat is het carpaal-tunnelsyndroom?

Het carpaal-tunnelsyndroom is een beknelling van je middelste armzenuw. Deze zenuw loopt door een kanaal bij je pols: de carpale tunnel. In de tunnel komen verschillende pezen, bloedvaten en zenuwen samen. Het is dus een belangrijk knooppunt voor je arm. Als de middelste armzenuw in deze tunnel afgekneld wordt, kan je arm niet goed meer functioneren. Hierdoor krijg je bijvoorbeeld problemen met het gevoel en de kracht in je hand.

Hoe vaak komt het carpaal-tunnelsyndroom voor en bij wie?

Het carpaal-tunnelsyndroom kan op alle leeftijden voorkomen, maar komt vooral voor bij mensen tussen de veertig en zestig jaar. Ongeveer één op de tien mensen krijgt ermee te maken. Verder hebben zwangere vrouwen een grotere kans om het syndroom te krijgen, meestal vanaf de zesde maand van de zwangerschap. Ook mensen die veel met hun handen werken, hebben meer kans om het carpaal-tunnelsyndroom te krijgen.

Wat zijn de symptomen van het carpaal-tunnelsyndroom?

Vaak beginnen de klachten aan één hand en breiden ze zich later ook uit naar de andere hand. Verder kun de volgende verschijnselen krijgen:

  • Prikkelingen in je vingers
  • ’s Nachts wakker worden van deze prikkelingen
  • Pijn in je pols en vaak ook een deel van je hand en onderarm
  • ’s Ochtends stijfheid en onhandigheid van je hand
  • Minder kracht in je vingers
  • Werken met je handen (bijvoorbeeld op de computer) verergert de klachten
  • De spieren van je hand kunnen dunner worden

Hoe ontstaat het carpaal-tunnelsyndroom?

Wanneer de zenuw te weinig ruimte heeft in de carpale tunnel kan hij afgekneld worden. Deze afknelling kan ontstaan door:

  • Een genetisch aanleg, waardoor je een nauwere carpale tunnel hebt.
  • Irritatie van de zenuw waardoor deze dikker wordt en meer ruimte inneemt.
  • Hormonale veranderingen (zoals bij zwangerschap, overgang, schildklierproblemen of overmatig groeihormoon).
  • Een spier, pees of bloedvat die normaal gesproken niet door de carpale tunnel loopt.
  • Een polsbreuk of een vervorming door reuma.
  • Aantasting van de zenuw door een andere ziekte (zoals suikerziekte) waardoor hij extra gevoelig is voor afknellen.

Doordat de zenuw afgekneld is, wordt de bloedvoorziening van de zenuw verstoord. Hierdoor kan de zenuw niet normaal functioneren en valt de functie van de zenuw uit. De middelste armzenuw regelt het gevoel en de kracht in de duim, wijs-, middel- en ringvinger. Je kunt en voelt dus letterlijk minder.

Wat te doen tegen het carpaal-tunnelsyndroom?

Spontaan herstel

Bij een deel van de mensen verdwijnt de oorzaak van de beknelling spontaan. De zenuw kan zich dan weer herstellen waardoor de verschijnselen van het carpaal-tunnelsyndroom verdwijnen. Zenuwen herstellen zich langzaam, daarom kan het herstel vaak enkele weken duren. Een carpaal-tunnelsyndroom dat tijdens de zwangerschap ontstaat, verdwijnt over het algemeen na de zwangerschap vanzelf weer.

Naar de neuroloog

Bij een ernstige vorm van carpaal-tunnelsyndroom wordt je doorverwezen naar de neuroloog. Sommige ziekenhuizen hebben speciale poliklinieken voor het carpaal-tunnelsyndroom. Met elektrische stroompjes wordt gemeten of de zenuw in de knel zit en hoe ernstig het is.

Nachtspalk

Als de zenuw inderdaad in de knel zit krijg je een nachtspalk voorgeschreven. Dit is een spalk die je pols in een bepaalde stand houdt waarbij de ruimte in de carpale tunnel het grootst is. Op deze manier krijgt de zenuw de ruimte en kan hij zichzelf herstellen. De spalk moet binnen vier weken een goede verbetering van je klachten geven.

Operatie

Als het spalkje en andere behandelingen geen effect hebben kan een operatie een mogelijkheid zijn om van je klachten af te komen. Bij deze operatie wordt de carpale tunnel opengemaakt en vergroot. Na de operatie kun je enkele weken lang je hand niet normaal gebruiken. Daarom worden nooit twee handen tegelijk geopereerd.

Wat kun je zelf doen aan het carpaal-tunnelsyndroom?

Als je merkt dat je symptomen hebt van het carpaal-tunnelsyndroom, is het belangrijk om je pols rust te gunnen. Wij hebben de volgende tips daarvoor:

  • Let goed op het gebruik van je handen. Misschien ontdek je welke bewegingen pijn en prikkelingen veroorzaken. Probeer deze bewegingen een aantal weken te vermijden
  • Met name bewegingen waarbij kracht met de hand wordt gezet, zijn vaak niet goed voor mensen met een carpaal-tunnelsyndroom. Laat taken zoals wringen, aardappels schillen of schroeven draaien dan ook aan iemand anders over.
  • Het stuur van een fiets of auto langdurig vasthouden is een houding waarin de zenuw gemakkelijk afgekneld wordt. Probeer deze houding dan ook ieder half uur af te wisselen.
  • Zorg voor regelmatige afwisseling tijdens het bewegen van de armen. Neem ook genoeg rustpauzes.
  • Je kunt de zenuw ’s nachts rust geven door je pols in te tapen in de minst pijnlijke houding. Kijk samen met de fysiotherapeut naar je houding en naar oefeningen om je houding te verbeteren.
  • Kijk kritisch naar je werkplek. Heb je een goede computermuis, staat je bureau op de juiste hoogte, heb je een stoel met armleuningen? Schakel eventueel de arbodeskundige in.

Algemene adviezen en voorzorgsmaatregelen voor het carpaal-tunnelsyndroom

Heb je last van suikerziekte, een verstoorde schildklierwerking, reuma, ben je zwanger of zit je in de overgang? Dan ben je extra gevoelig voor het carpaal-tunnelsyndroom. Ook als je geen klachten hebt, is het verstandig om  kritisch te kijken naar je werkplek om te voorkomen dat je symptomen van het carpaal-tunnelsyndroom krijgt.

Wanneer moet je naar de huisarts?

Als je denkt dat je last hebt van het carpaal-tunnelsyndroom is er altijd verstandig om contact op te nemen met je huisarts. Je huisarts kan je pols onderzoeken en je advies geven over wat je eraan kunt doen. Als de klachten na zes weken nog niet verminderd zijn, wordt je doorverwezen naar de neuroloog.

Heb je een vraag of wil je persoonlijk advies? Kom dan langs in de dichtstbijzijnde Etos winkel. Wat je vraag ook is, we staan voor je klaar!

Bekijk winkelmandje

Wij adviseren om Microsoft Internet Explorer 11 en lager niet te gebruiken. Voor veilig en optimaal gebruik van onze website adviseren wij het gebruik van Google Chrome, Microsoft Edge, Mozilla Firefox of Apple Safari.